Bladmuziek

Muzikale handreiking - November 2011

Beste organist (e), De componist van deze koraalbewerking is ons onbekend. Men heeft wel gedacht aan Krebs of een andere leerling van J.S.Bach. De naam van laatstgenoemde is zelfs ook nog ter sprake geweest als auteur. Maar tot op heden zijn er geen bewijzen voor een officiële herkomst.

Hetzelfde geldt ook voor de melodie. Want de dichter – Paul Speratus (1484-1551) – schreef zijn tekst voor een bestaande melodie. Een melodie die algemeen verbreidt schijnt te zijn geweest en dus zeer oude papieren heeft.

In Nederland wordt dit gezang ook wel gezongen en staat het in het Liedboek voor de Kerken onder nummer 344. Geordend onder “Belijdenis, doop en avondmaal”. Maar door de titel van dit lied denkt men ook vaak aan de Adventstijd, namelijk: “Het Heil dat vanuit de hemel naar ons toe gekomen is.” Vandaar ook de keuze om deze bewerking in de maand november te plaatsen. En hebt u (liturgische) bezwaren om dit “Choralvorspiel” in de decembermaand te spelen, dan heeft u voor de overige maanden een prachtige compositie.

De rijke versiering zit niet in de melodie, maar in de begeleiding. De melodie laat al in maat 1 van zich horen in één van de middenstemmen. En ook in maat 14 is dit het geval. Voor wat betreft de registratie lopen de meningen nogal uiteen. Er zijn vurige pleitbezorgers om het hele stuk op 1 klavier te spelen met een plenum. Andere organisten kiezen ervoor om de begeleiding fors te registreren en de c.f. met een trompet of cornet te spelen. Bij mij zelf roept deze bewerking verwondering op en ligt mijn voorkeur meer in de verstilling. Niet dat eerder genoemde uitvoeringen niet goed zouden zijn, maar meer omdat het meditatieve mij dichter bij de strekking van de tekst brengt. Vandaar de keuze om een Nasard 3’ te gebruiken als uitkomende stem en de begeleiding binnen zachte fluitregisters te houden.

Welke keuze u ook maakt: vertel uw verhaal met overtuiging. Want dat is het belangrijkste om de boodschap over te brengen.

Een verwachtingsvolle adventstijd toegewenst.
André van Vliet